Is dit je eerste Mac?
Als dit je eerste Mac-computer is, vind je hier nuttige informatie om macOS te leren kennen en snel aan de slag te gaan.
De menubalk bevindt zich boven in het scherm van de Mac. Hier vind je menu's, statussymbolen en regelaars, evenals het bedieningspaneel (waar je bepaalde instellingen snel kunt aanpassen). Het Dock bevindt zich onder in het scherm en bevat de apps die je het meest gebruikt, je recente downloads en de prullenmand. Je kunt wijzigen wat er in het Dock wordt weergegeven en de grootte en locatie ervan aanpassen.
Het Dock en de menubalk gebruiken
Met de menu's en symbolen in de menubalk kun je onder andere het Apple-menu
Het Apple-menu openen Klik op het Apple-menu | Het bedieningspaneel aanpassen Klik op |
Snelle taken uitvoeren met Spotlight Spotlight toont resultaten van je bestanden, apps en het web op één plek. Je kunt Spotlight ook gebruiken om snelle taken uit te voeren zonder een app te hoeven openen. Druk op Command + spatiebalk om Spotlight te openen en typ vervolgens wat je wilt, zoals het omrekenen van een valuta, het versturen van een e‑mail, het bekijken van weersinformatie of het instellen van een timer. | Het Dock aanpassen Om een app aan het Dock toe te voegen, sleep je de app naar het Dock. Als je een app wilt verwijderen, sleep je deze naar eruit totdat je 'Verwijder' ziet. Om je de grootte, locatie of het gedrag van het Dock te wijzigen (bijvoorbeeld om het Dock automatisch te verbergen wanneer je het niet gebruikt), klik je in Systeeminstellingen in de navigatiekolom op 'Bureaublad en Dock' |
Opmerking: Een groen of oranje lampje naast het bedieningspaneel in de menubalk geeft aan dat je camera of microfoon
in gebruik is.
Vensters bekijken en beheren
Elk appvenster heeft drie knoppen in de linkerbovenhoek: klik op
Vensters naast elkaar openen Plaats de aanwijzer op | Alle geopende vensters bekijken met Mission Control Druk op |
Op één app focussen met Stage Manager Met Stage Manager houd je één app centraal op de voorgrond, terwijl je andere geopende apps als miniaturen aan de linkerkant van het scherm worden weergegeven. Om Stage Manager in te schakelen, klik je in de menubalk op | Afzonderlijke bureaublad-spaces aanmaken Met bureaublad-spaces kun je je werk over meerdere bureaubladen verdelen. Je kunt bijvoorbeeld creatieve apps op één bureaublad houden en Mail, FaceTime en Telefoon op een ander bureaublad. Open eerst Mission Control en klik rechtsboven op |
Bestanden zoeken en ordenen
Via de Finder kun je vrijwel alles op je Mac vinden en ordenen, zoals documenten, afbeeldingen en films. Je kunt bestanden van een tag voorzien om ze georganiseerd te houden, de navigatiekolom aanpassen om belangrijke onderdelen te tonen en een voorvertoning van elk bestand bekijken zonder het te openen.
De navigatiekolom van de Finder aanpassen Met de navigatiekolom van de Finder krijg je snel toegang tot onder andere de mappen, locaties en recente onderdelen die je het vaakst gebruikt. Om de inhoud hiervan aan te passen, open je de Finder-instellingen, klik je op 'Navigatiekolom' en kies je de onderdelen die je wilt weergeven. | Tags toevoegen aan bestanden en mappen Met tags kun je bestanden een kleur en label toewijzen, zodat je ze snel kunt terugvinden, zelfs als ze in verschillende mappen staan. Je kunt een bestand een tag geven door met de Control-toets ingedrukt op het bestand te klikken in de Finder en vervolgens een kleur of een tag te kiezen. Bestanden met een tag verschijnen in de navigatiekolom van de Finder, zodat je alles met die tag op één plek kunt zien. |
Onderdelen snel weergeven Selecteer een bestand in de Finder en druk vervolgens op de spatiebalk om een voorvertoning te zien zonder het bestand te openen. Je kunt een bestand in 'Snelle weergave' ook markeren of delen. | Een bestand snel draaien, markeren en bijsnijden Kies in de knoppenbalk van de Finder 'Kolom' |
Meer weten?
Zie Magic Keyboard, Een Magic Trackpad gebruiken met de Mac mini en Een Magic Mouse gebruiken met de Mac mini voor meer informatie over het toetsenbord en de trackpad, waaronder informatie over de Command- en functietoetsen, populaire toetscombinaties en veelgebruikte gebaren.
Zie Appvensters verplaatsen en rangschikken, Apps in Split View gebruiken en Vensters plaatsen voor meer informatie over het verplaatsen en rangschikken van appvensters op je bureaublad.
Zie Geopende vensters en spaces in Mission Control bekijken, Werk met verschillende spaces en Het bureaublad op je Mac ordenen met Stage Manager voor andere manieren om al je geopende vensters te beheren.
Zie Het bedieningspaneel gebruiken en Het meldingencentrum gebruiken voor meer informatie over het bedieningspaneel en het meldingencentrum.
Ben je overgestapt van een Windows-pc? Raadpleeg dan Van Windows overgestapt op een Mac?
Als je een iPhone hebt, kun je in Met Continuïteit op meerdere Apple apparaten werken lezen hoe je je iPhone met je nieuwe Mac kunt gebruiken.